Culemborg zoals het was

Het leven in Culemborg

Home Boeken Audio Film Over ons Nieuws Links

Canon van Culemborg

De canon van Culem- borg voert u langs de hoogtepunten van de Culemborgse geschie- denis. Klik hier en laat u verrassen.






Afrikaanse vrijheidsstrijders

In 1987 heeft het vernoemen van een aantal straten in de wijk Goilberdingen naar Afrikaanse vrijheidsstrijders heel wat stof doen opwaaien. Het was midden in de tijd van apartheid. De gemeenteraad van Culemborg had unaniem de wens uitgesproken om ook in Culemborg straten te vernoemen naar Afrikaanse vrijheidsstrijders. In de wijk Achter de Poort was men net begonnen met uitbreiden en de Straatnamencommissie moest de namen van een aantal straten vaststellen. De gemeentelijke Straatnamencommissie telde naast een aantal deskundigen ook drie raadsleden. Tot ieders verbazing vond tijdens de eerstvolgende vergadering van de Straatnamencommissie een meerderheid dat er straten vernoemd moesten worden naar bekende Culemborgers uit de geschiedenis van de stad. Zoals Dresselhuys, Schorer en Heinsius. De meerderheid van de commissie vond dat er te weinig Zuid-Afrikaanse namen bekend waren om een verantwoorde keuze te maken en de namen bovendien moeilijk uitspreekbaar waren.

Een lid was het daar niet mee eens. De uitspraak van de gemeenteraad was niet zomaar een uitspraak: de gemeenteraad wilde, midden in de tijd van apartheid, met het vernoemen een daad stellen richting het blanke bewind in Zuid-Afrika. In de ogen van een aantal Culemborgers waren de argumenten van de Straatnamencommissie om geen Zuid-Afrikaanse vrijheidsstrijders te vernoemen niet steekhoudend. Door zeventien Culemborgers is vervolgens tegen deze beslissing bezwaar aangete-kend bij de commissie van beroep en bezwaar. Voor deze commissie hebben zij beargumenteerd dat de Straatnamencommissie gevolg had moeten geven aan de wens van de gemeenteraad. De vernoeming van straten naar Zuid-Afrikaanse  verzetstrijders moest juist op  dat moment plaatsvinden om- dat de apartheid sterk in de belangstelling stond. De commissie van beroep en bezwaar ver-klaarde de klacht echter niet ontvankelijk, met het argument dat de Straatna-mencommissie niet als platform moest dienen voor een politieke discussie rond het geven van straatnamen. Intussen had de toenmalige ambassadeur van Zuid-Afrika een brief gestuurd waarin hij zijn verontwaardiging uitsprak over de op 20 november 1986 door de raad besloten sancties tegen Zuid-Afrika, zoals het verbreken van alle banden tussen Nederlandse en Zuid-Afrikaanse sportlieden, een verbod op het verspreiden van Zuid-Afrikaanse literatuur, het verbreken van economische betrekkingen en de unanieme uitspraak om straatnamen te vernoemen naar Zuid-Afrikaanse vrijheidsstrijders. Verder had deze zaak de aandacht getrokken van onder meer de Telegraaf, die er een schamper stukje over schreef.

Bij de volgende vergadering van de  Straatnamencommissie - toen de  straten achter de Gelddijk vernoemd  moesten worden - werd door een  commissielid opnieuw voorgesteld  de namen te gebruiken van Zuid-Afrikaanse vrijheidsstrijders. Hij had  nu zoveel namen verzameld dat het  argument uit de vorige vergadering  - te weinig namen - geen stand kon  houden. Het verweer van de commissie  tegen de vernoeming was intussen  door alle commotie zo afgenomen dat tot tevredenheid van vele  Culemborgers toen in het wijkje  achter de Gelddijk de straten zijn  vernoemd naar Zuid-Afrikaanse  vrijheidsstrijders.


Mandela