Culemborg zoals het was

Het leven in Culemborg

home Boeken Audio Film Over ons Nieuws Links

 

Pas in de afgelopen jaren is de laatste ge-
neratie wezen gevraagd om hun  ervaringen uit de periode tot 1952 te  vertellen. Daaruit leren we hoe er vaak  met harde hand ge- straft kon worden,  maar ook dat je geluk kon hebben met  een aardige weesmoeder of -vader. Het  dagelijks leven was goed ge- regeld en het  ritme van de dagen en van het jaar stond  veelal vast. In de verhalen komen ook  de goede herinneringen aan de kleine verrassingen of traktaties aan de orde. Sterke verhalen worden graag verteld, bij-
voor beeld over het gappen van fruit  uit de tuin. Meestal ging een deel van de  oogst naar de Protectoren of naar de veiling. Er kon plezier zijn met de huispapegaai, op feestdagen als Elisabethdag (17  november), Sinterklaas of Kerstmis.  Het Weeshuis is een groot gebouw.  Lang niet altijd werd het aantal van 48  kinderen gehaald. Werd de stad geteisterd door oorlog, pest of waters- nood,  dan paste men de toelatingseisen aan. In  moeilijke tijden diende het huis ook als  doorgangshuis voor volwassenen. De Fransen gebruiken het in 1672 als zieken- huis. In 1795 willen weer de Fransen  het als ziekenhuis gebruiken voor 200 schurft- lijders, maar dat ging niet door.  In 1940 diende het huis als opvang voor  soldaten van de Grebbeberg, tegen het  eind van de oorlog zat de Ortskommandant kort in de Protectorenkamer. In  de Tweede Wereld- oorlog zochten ook  anderen een schuil- plaats. Ouden van  dagen uit het Barbara Ziekenhuis namen  de ziekenzaal in, later kwamen er evacués uit Kerkdriel. Na de oorlog werden  kinderen van NSB’ers op -gevangen.
Na de Tweede Wereldoorlog begon  men anders te denken over de opvang  van wees- kinderen. Het aantal wezen  liep terug. Er kwamen nieuwe regels en  wetten die ertoe leidden dat de laatste  wees in 1952 vertrok. De Protectoren  verlegden hun aandacht naar andere  terreinen van zorg zoals de ouderenzorg.  Maar omdat in de wereld nog steeds  weeshuizen bestaan, richtten ze
ook een  deel van hun steun daarop. Het gebouw  kreeg andere bestemmingen.  
Tot eind 1968 bood het onderdak aan  de HBS. Ook de vrijwillige brandweer,  de scouting en de gemeentelijke secretarie maakten van de ruimtes gebruik. In  1980 volgde een ingrijpende renovatie  waarbij de dubbele kap verdween en het  huis weer zijn enkele kap met de oorspronkelijke hoogte van bijna 6 meter  terugkreeg. In de jongens- vleugel kwam  de openbare bibliotheek, in de meisjesvleugel het museum. Dat mu- seum was  een voortzetting van de Oud- heidkamer  die in 1928 opgericht was. Pas na de  verbouwing werd het een modern museum, waarin het verleden van de stad en  het Weeshuis een vaste expositie kregen.  Daarnaast werden wisselende tentoonstellingen gehouden.
Nu is het Weeshuis weer toe aan een ver- bouwing. Om het museum toegankelijker te maken is het nodig een weg  vrij te maken naar de lift in de jongensvleugel. Met de bibliotheek en de  Volksuniversiteit wordt overlegd hoe  we bezoekers en cursisten beter kunnen  verwelkomen. Het interieur van de bibliotheek wordt vernieuwd, het museum  krijgt een nieuwe opzet. Daarin komt de  geschiedenis van de weeskinde- ren, van  het huis en van de stad veel beter tot zijn  recht.
Wilt u meer weten over het Weeshuis?  De ervaringen van de laatste generatie  wezen zijn twee keer te boek gesteld  en ze zijn nu ook op video gezet. Wie  van dichtbij wil ervaren wat de weeskinderen wellicht door- maakten, is een  kinderboek van Anna Woltz - ‘Meisje  nummer achttien’ - beschik- baar. Voor  meer details over de geschie- denis van het  huis, zijn bestuur en zijn bewoners is er  het boek van Machiel Bosman over ‘Het  weeshuis van Culem- borg’. Ook over  Vrouwe Elisabeth en over het gebouw  zelf zijn Voetnoten verkrijgbaar in de  museumwinkel.
Hans Saan en Nicole Spaans

Vorige