Culemborg zoals het was

Het leven in Culemborg

home Boeken Audio Film Over ons Nieuws Links

Canon van Culemborg

De canon van Culem- borg voert u langs de hoogtepunten van de Culemborgse geschie- denis. Klik hier en laat u verrassen.






De Nieuwstad

In de jaren zeventig ging - onder het motto ‘Culemborg verjongt zijn hart’ - de hele Nieuwstad tussen Zandstraat en Westerwal op de schop. Hiervoor had deze wijk een dorps karakter. Dit kwam omdat er in de wijk veel boerderijen stonden. Omdat de Graaf van Holland aan het eind van de 14e eeuw de Diefdijk had opgehoogd, steeg het waterpeil in het Culemborgse Veld. De daar wonende boeren verhuisden naar de hoger gelegen zandrug aan de zuidkant van Culemborg. Zij vestigden zich daar aan de Zandstraat, Nieuwstraat en Prijssestraat. De straat op het hoogste gedeelte van de zandrug werd de Zandstraat, de Prijssestraat was de weg naar de Heerlykheid Parys en de Nieuwstraat was de eerste nieuwe straat die in de Nieuwstad werd aangelegd. Naast de hier genoemde straten waren er in de Nieuwstad nog meer straten, zoals de Ooster-, Zuider- en Westerwal, de Lepelstraat, de Zalenstraat, de Kloosterstraat en de Korte Nieuwstraat. De Kloosterstraat werd door Kuilenburgers ook wel Klustersteeg genoemd.

De boeren die naar de Nieuwstad waren getrokken, behielden wel hun weilanden en akkers in het Culemborgse Veld en langs de Straatweg en de Ka. Op een door Blaeu getekende plattegrond van Culemborg van ca. 1640 stonden in de Nieuwstad 71 hooibergen vermeld.
Tot in de jaren vijftig en zestig was het dorpse karakter van dit deel van de stad nog aanwezig. In de hooitijd kwamen tientallen volgeladen boerenwagens de stad in om het hooi op te slaan. Ook het graan werd zo de stad in gebracht. Het was voor de jeugd een attractie als de grote dorsmachines de Nieuwstad in kwamen om bij de boeren op het erf het graan te dorsen. Zij waren er dan altijd als de kippen bij om een paar handen vol koren te pikken.

Die toeloop van mensen uit het Culemborgse Veld had ook gevolgen voor het taalgebruik. Tot in de jaren vijftig was er een duidelijk verschil te horen in dialect. Inwoners uit de Nieuwstad hadden een boerser taalgebruik dan de bewoners van de eigenlijke stad. Zij spraken het dialect van burgers.
Ik (JvdW) ben in de Nieuwstad geboren en mijn moeder - afkomstig van de Veerweg - zei vaak tegen mij: ‘Wij aan de Veerweg praten plat, maar hier in de Nieuwstad is het veel erger’.

Aan de Zandstraat - ongeveer op de plaats van de oude smederij van Heij - stond vroeger het Jeruzalemklooster. Van dit klooster was in 1750 nog maar weinig terug te vinden. Tussen het klooster en de kloostersloot, die ook aan de Zandstraat begon, liep tot aan de Westerwal een smalle steeg met de naam Kloostersteeg. Er liep ook een smalle weg vanaf de Prijssestraat naar de Nieuwstraat. Deze weg stak recht door het kloosterterrein en werd de Naald (Naeld) genoemd. De Korte Nieuwstraat - niet ver van de Naald - kreeg de naam “De Vingerhoed’.
Toen het steegje langs de kloostersloot in de loop der jaren was verdwenen, heeft men – misschien wel ter herinnering aan het klooster - de Naald de naam Kloosterstraat gegeven.

Jack van der Winkel



De in de jaren vijftig van de vorige eeuw gesloopte boerderij van het Jeruzalem-klooster


Van de door Blaeu getekende plattegrond van Culemborg is bekend, dat  er omstreeks 1640 in de Nieuwstad 71 hooi- bergen stonden.

Panden in de voormalige Kloosterstraat


De afbraak van de Kloosterstraat in de jaren zeventig van de vorige eeuw


Wat er nog over is van de Kloos- terstraat